Een Hyperconnected Jungle

Een Hyperconnected World. Volgens het WEF ( World Economic Forum) moeten we spreken van een Hyper-connected World nu steeds meer alles met alles is verbonden. Niet alleen mensen en organisaties zijn gekoppeld, ook steeds meer apparaten (Internet of Things) worden gekoppeld aan het almaar uitdijende internet. Maar technisch gekoppeld is iets totaal anders dan georganiseerd of bestuurd. De hyperconnected world kent geen bestuur, geen wetten noch regels. Wat daardoor in feite gebeurt is dat alles en iedereen, die voorheen slechts in een beperkte omgeving kon communiceren of digitaal handelen, dat nu in één klap wereldwijd kan doen.

Hyperconnected Jungle. Dat leidt tot een hyperconnected digitale jungle. In een jungle geldt de wet van de jungle. Dat is exact wat er op dit moment aan de hand is. Internet en sociale media worden steeds meer het speeldomein van tech giants, cyber criminelen, extremisten, fantasten en superrijken: het is in feite een cynische variant van de survival of the fittest. Om nog maar te zwijgen van sommige regeringen die spionage proberen uit te voeren of macht proberen uit te oefenen door de combinatie van het installeren van apparatuur en telecommunicatie die op het internet is aangesloten.

Een digitale zwarte gat, waarin enkelen digitale macht uitoefenen over velen, komt dus steeds dichterbij. Wat de macht van tech giganten betreft is het artikel van professor Shoshana Zuboff (auteur van “The Age of Surveillance Capitalism.”) in de New York Times van 29 januari 2021: “The Coup We Are Not Talking About“, een beangstigende eye-opener.

De democratie staat op het spel. Professor Zuboff is glashelder als ze stelt dat de democratie in de wereld op het spel staat. De kern van haar verhaal draait om het feit dat tech-giganten de hele informatievoorziening manipuleren en sturen op basis van gegevens die onbewust door gebruikers worden verstrekt. Met als effect een door misinformatie beheerste informatievoorziening aan sociale-media gebruikers. Ze eindigt haar artikel met: “We kunnen democratie hebben, of we kunnen een surveillance samenleving hebben, maar we kunnen niet beide hebben. Een democratische bewakingsmaatschappij is een existentiële en politieke onmogelijkheid. Vergist u zich niet: Dit is de strijd om de ziel van onze informatiebeschaving”. Zij geeft echter wel aan dat regeringen in de EU (GDPR, DSA, DMA), de VS en het VK actief bezig zijn met het ontwikkelen van wetgeving om de extremen van het internet, de sociale media en de tech-giganten te beteugelen.

Cybercriminaliteit. Een soortgelijk verhaal valt te vertellen over cybercriminaliteit. In 2019 zijn wereldwijd 28% van de bedrijven getroffen door cybercriminaliteit. De omvang ervan, wereldwijd boven de € 600 miljard in 2018, neemt langzamerhand angstwekkende vormen aan. De vervolgschade veroorzaakt door cyber criminaliteit is vele malen groter. In 2015 zou deze circa € 3 triljoen (3000 miljard) hebben bedragen en de schatting voor 2021 is € 6 triljoen (€ 6000 miljard). Dat is circa 10% van het totale BNP van alle landen samen. Er is zelfs nog geen begin gemaakt met het oplossen van dit probleem.

Overheden niet wakker. De vraag die uit dit alles voortvloeit is wanneer regeringen wakker zullen worden en zullen inzien dat er zoiets als een wereldwijde informatiebeschaving nodig is waarin op een democratische manier met informatie wordt omgegaan. Net zoals er een klimaat conferentie in Parijs is geweest, gebaseerd op IPCC informatie, waar klimaat doelen zijn gesteld voor 2050, zo zouden de landen van de vrije wereld bijeen moeten komen, om beleid vast te stellen ten aanzien van internet en sociale media, de wetten en regels vast te stellen waaraan alles moet voldoen en de handhaving te regelen. Ondubbelzinnig moet vastgelegd worden dat prive gegevens inclusief gevoelens ook echt prive zijn. Dat sociale media bedrijven expliciet toestemming van een burger moeten hebben om zijn gegevens te gebruiken of zijn leven te analyseren. En dat burgers altijd moeten weten door welke bedrijven hun persoonlijke informatie waarvoor worden gebruikt. Ze zouden ook het recht moeten hebben om prive gegevens weer te onttrekken aan het gebruik door tech giganten.

Internet infrastructuur behoeft regulering. Dit alles moet er toe leiden dat er, net zoals voor de telecommunicatie, verkeers of energie infrastructuur, ook voor internet- en sociale-media- infrastructuur, wettelijke regels komen inclusief handhaving. Tech giganten kunnen beschouwd worden als de digitale nuts bedrijven, de digitilities, van de digitale, vloeibare, samenleving. Uiteindelijk zal het ook in hun voordeel zijn als ze als zodanig worden behandeld. En wat cybercriminaliteit en extremisten betreft, kan het niet snel genoeg gaan met wereldwijde wetgeving op het gebied van internet en een handhavingsstructuur om de digitale jungle eindelijk op te ruimen.